De stapel stukken die het kabinet gisteren naar de Tweede Kamer stuurde gaat vooral over grote getallen, maar een paar regels erin raken heel direct aan wat een klus kost. Niet via de bouwmarkt, want daar gaat de belasting niet over, maar via de ritten die je maakt, het huis dat je koopt om op te knappen en het water dat je verbruikt.
Het is verstandig om er nu al naar te kijken en niet in december, want een deel van de maatregelen bepaalt of je een klus beter dit jaar of juist volgend jaar inplant. Wel met een slag om de arm: het kabinet heeft geen meerderheid en schrijft er zelf bij dat de plannen in het parlement nog kunnen veranderen.
Tanken wordt per saldo duurder, ook met korting
De korting op de brandstofaccijns wordt met een jaar verlengd en gaat zelfs iets omhoog, van 15,74 cent naar 17,64 cent per liter in 2027. Dat klinkt als goed nieuws, maar de accijns zelf stijgt harder: van 84,47 cent dit jaar naar 85,17 cent in 2027. Autoblog rekende de autoplannen uit de Miljoenennota door en komt uit op een pomp die per saldo duurder wordt. De korting wordt in 2028 nog deels verlengd en verdwijnt per 2029 helemaal.
Voor wie af en toe een plank haalt, is dat ruis. Voor wie een verbouwing draait, is het dat niet. Een gemiddelde badkamer of keuken kost je tientallen ritten naar de bouwmarkt, de stort en de verhuur, en met een aanhanger of een volle bestelbus achter je gaat het verbruik flink omhoog. Dat is precies de reden dat ik mensen aanraad hun ritten te bundelen en hun materiaallijst compleet te maken voordat ze beginnen. Die discipline levert meer op dan welke accijnskorting dan ook, en scheelt bovendien dagen wachten. In het overzicht van gereedschap huren of kopen staat waarom datzelfde rekensommetje ook voor machines geldt.
Rijd je voor je werk met eigen vervoer, dan is er wel iets te halen: de maximale onbelaste reiskostenvergoeding gaat van 23 naar 25 cent per kilometer. Je werkgever moet het wel willen betalen, want het is een maximum en geen recht.
Een klushuis kopen om te verhuren wordt iets goedkoper
In het Belastingplan 2027 staat dat het tarief van de overdrachtsbelasting voor niet-bewoners in 2027 omlaaggaat van 8 naar 7 procent. Dat raakt iedereen die een woning koopt om niet zelf in te wonen, dus ook de klusser die een opknapper koopt voor verhuur of voor een kind. Op een pand van twee ton scheelt dat een procent van de koopsom, en dat is ongeveer het bedrag van een eenvoudige nieuwe keuken.
Het kabinet schrijft in de toelichting op het Belastingplan 2027 ook dat woningcorporaties per 2027 worden vrijgesteld van overdrachtsbelasting als ze sociale huurwoningen aan elkaar overdragen, en dat een renteaftrekbeperking voor corporaties vanaf 2029 verdwijnt. Dat is bedoeld om ze meer te laten bouwen en verduurzamen. Voor een particuliere klusser verandert dat niets, maar het zegt wel iets over waar de renovatiecapaciteit de komende jaren naartoe gaat: als corporaties massaal gaan verduurzamen, wordt een installateur in 2028 niet makkelijker te boeken. De uurtarieven van vakmensen laten nu al zien waar dat toe leidt.
Water, planten en de kleine lettertjes
Twee maatregelen die makkelijk over het hoofd worden gezien. De belasting op leidingwater gaat in 2027 met 10 cent per 1000 liter omhoog. Dat is voor een huishouden een verwaarloosbaar bedrag, maar wie een vloer stort, een muur uithakt met water erbij of wekenlang tegels zaagt, merkt dat de post water bij een verbouwing niet nul is.
Interessanter voor de tuin: het verlaagde btw-tarief voor sierteelt verdwijnt, waardoor planten en bloemen per 2028 van 9 naar 21 procent btw gaan. Dat is een forse sprong voor wie zijn tuin nog wil beplanten. Wie toch al van plan was de border of de haag aan te pakken, heeft daar dus tot eind 2027 de tijd voor tegen het huidige tarief. Ik zou daar geen paniekaankoop van maken, maar bij een grote tuinrenovatie telt het wel mee in de planning.
Ben je zelfstandig klusser, dan is de energie-investeringsaftrek relevant: het aftrekpercentage gaat per 2027 van 40 naar 45 procent. Dat geldt voor investeringen in energiezuinige bedrijfsmiddelen, niet voor je privéwoning.
Wat je hiermee doet
De praktische conclusie is kort. Een grote tuinbeplanting doe je beter in 2027 dan in 2028. Een opknappand dat je niet zelf gaat bewonen, is in 2027 een procent goedkoper aan overdrachtsbelasting dan nu. En de ritten naar bouwmarkt en stort worden niet goedkoper, dus plannen blijft de goedkoopste gereedschapskist die je hebt.
Wat er níét in staat is minstens zo belangrijk: een btw-verlaging op arbeid bij verbouwingen, waar in de bouw al jaren om wordt gevraagd, zit er opnieuw niet in. Wie op een fiscaal duwtje voor de klusrekening zat te wachten, kan daar dit jaar niet op rekenen. Voor wie leent om te verbouwen is de rentestand voorlopig belangrijker dan het Belastingplan, en wat die doet staat in het stuk over wat lenen voor een verbouwing kost.
