De vraag komt bijna altijd op hetzelfde moment: de cv-ketel is vijftien jaar oud, hij doet het nog, en de installateur zegt dat je er nog een paar winters mee kunt. Vervang je hem dan door een nieuwe ketel, door een hybride opstelling of meteen door een volledige warmtepomp? Het antwoord hangt minder af van wat het beste apparaat is en meer van wat jouw huis aankan, en dat is precies de reden dat algemene adviezen zo vaak tegenvallen.
Een warmtepomp geeft warmte af bij een lage temperatuur. Een cv-ketel geeft warmte af bij een hoge temperatuur. Alles wat daaronder ligt, van je radiatoren tot je isolatie, is ingericht op één van die twee. Zet je een warmtepomp in een huis dat op 70 graden aanvoertemperatuur is gebouwd, dan wordt het niet warm, of het wordt warm tegen een stroomrekening waar je niet blij van wordt.
De drie opties naast elkaar
| Nieuwe cv-ketel | Hybride warmtepomp | Volledige warmtepomp | |
|---|---|---|---|
| Aanschaf inclusief plaatsing (2026) | 1.800 tot 3.000 euro | 5.000 tot 9.000 euro | 9.000 tot 20.000 euro |
| Subsidie mogelijk | Nee | Ja, indicatief 1.500 tot 3.000 euro | Ja, indicatief 2.500 tot 5.000 euro |
| Benodigde isolatie | Geen eis | Redelijk, label D of beter helpt | Goed, label C of beter en kierdicht |
| Geschikte afgifte | Radiatoren op 60 tot 80 graden | Bestaande radiatoren volstaan meestal | Vloerverwarming of lagetemperatuurradiatoren |
| Gasverbruik na plaatsing | Onveranderd tot 10 procent lager | Ongeveer 50 tot 70 procent lager | Nul |
| Stroomverbruik erbij | Verwaarloosbaar | Ongeveer 800 tot 1.500 kWh per jaar | Ongeveer 2.500 tot 5.000 kWh per jaar |
| Ruimte nodig | Ketelopstelling, meestal zolder | Buitenunit plus bestaande ketel | Buitenunit plus boilervat van 150 tot 300 liter |
| Geluid buiten | Geen | Buitenunit, meestal 40 tot 50 dB op 3 meter | Buitenunit, meestal 40 tot 55 dB op 3 meter |
| Warm water | Direct, onbeperkt | Via de ketel, dus onbeperkt | Uit een vat, dus eindig per douchebeurt |
| Levensduur | 15 tot 20 jaar | Ketel 15 jaar, pomp 15 tot 20 jaar | 15 tot 20 jaar |
| Onderhoud per jaar | 110 tot 180 euro | 160 tot 260 euro voor beide | 150 tot 250 euro |
De bedragen zijn richtprijzen voor 2026 en lopen flink uiteen met de omvang van je woning en de staat van je installatie. Subsidiebedragen veranderen bovendien per jaar en per apparaat, dus controleer altijd de actuele lijst voordat je iets vastlegt. Een goed startpunt is de uitleg van Milieu Centraal over warmtepompen, dat rekent met landelijke gemiddelden en zonder verkoopbelang.
Waarom de aanvoertemperatuur alles bepaalt
Een warmtepomp haalt warmte uit de buitenlucht en tilt die naar een bruikbaar niveau. Hoe kleiner het verschil tussen buiten en de temperatuur die hij moet leveren, hoe minder stroom dat kost. Dat verschil is niet een klein beetje bepalend maar volledig bepalend: een pomp die 35 graden hoeft te leveren haalt makkelijk een rendement van vier, en dezelfde pomp op 55 graden zakt naar twee of minder. Dat is letterlijk het verschil tussen een halve en een hele stroomrekening.
Dus voordat je naar apparaten kijkt, kijk je naar de vraag hoe warm het water in je radiatoren moet zijn om het huis op temperatuur te houden op een koude dag. Die test kun je zelf doen. Zet in het stookseizoen op een dag van rond het vriespunt de aanvoertemperatuur van je ketel op 55 graden en kijk of het huis warm wordt en blijft. Lukt dat, dan is je huis in principe geschikt voor een lagetemperatuursysteem. Blijft het steken, dan weet je dat er eerst iets aan de schil of aan de radiatoren moet gebeuren.
Isoleren komt eerst, en dat is geen slogan
Elke euro die je in isolatie stopt maakt de warmtepomp erna kleiner, goedkoper en zuiniger, en dat effect stapelt. Een ongeïsoleerde spouw is daarbij het laaghangende fruit: een spouwmuur isoleren gebeurt in een dag en verdient zich meestal binnen vijf jaar terug. Daarna komt de vloer, want koude voeten zijn de reden dat mensen de thermostaat een graad hoger zetten dan nodig, en vloerisolatie aanbrengen is in een kruipruimte die toegankelijk is nog zelf te doen ook.
Het glas is de derde. Enkel glas of oud dubbel glas laat zoveel warmte door dat de radiator eronder alleen maar bezig is dat verlies te compenseren. Of de overstap loont hangt af van wat er nu in zit, en die rekensom staat in het stuk over dubbel glas vervangen door HR++ glas. Wat mensen daarbij vaak overslaan is kierdichting: bij een warmtepomp die op lage temperatuur werkt, weegt een tochtende brievenbus zwaarder dan bij een ketel die het gat gewoon dichtstookt met hete lucht.
Waar de hybride wint
De hybride opstelling krijgt weinig liefde van beide kampen, en juist daarom is hij voor een groot deel van de Nederlandse woningvoorraad de verstandigste keuze. Je houdt je ketel voor de koudste dagen en voor het warme water, en de warmtepomp neemt de rest over. Dat is meestal zestig tot zeventig procent van je gasverbruik, terwijl je niets aan je radiatoren of je afgiftesysteem hoeft te veranderen en je geen douchevat kwijt hoeft.
Het is ook de optie met het kleinste risico op teleurstelling. Blijkt je huis toch minder goed te presteren dan gedacht, dan valt de ketel bij en merk je er niets van behalve op je gasrekening. Bij een volledige warmtepomp in een huis dat het niet aankan, merk je het wel: dan zit je in februari met achttien graden in de woonkamer.
Het nadeel is de rommeligheid. Je hebt twee apparaten, twee onderhoudscontracten en een buitenunit, en over vijftien jaar staat de vervangingsvraag er opnieuw. Wie nu al weet dat het huis over een paar jaar grondig verbouwd wordt, kan beter wachten en het in één keer goed doen.
Wat de folder niet vertelt
Drie dingen die zelden in een offerte staan en die achteraf het meest opvallen. Het eerste is geluid. Een buitenunit maakt geluid, vooral als hij ontdooit, en de regels over hoeveel geluid er bij de erfgrens mag komen zijn strikter geworden. Zet de unit niet onder een slaapkamerraam van de buren, en niet in een hoek tussen twee muren waar het geluid weerkaatst.
Het tweede is warm water. Een volledige warmtepomp werkt met een vat, en dat vat is eindig. Een gezin dat achter elkaar doucht kan met een vat van 150 liter in de problemen komen. Vraag daar expliciet naar en laat het aantal bewoners meewegen in de maat van het vat.
Het derde is de radiator. Bestaande radiatoren kunnen bij een lagere temperatuur vaak meer dan mensen denken, mits ze goed doorstromen en waterzijdig zijn ingeregeld. Dat inregelen is een paar honderd euro en het levert regelmatig meer op dan een grotere pomp. Wordt een radiator boven niet warm terwijl de rest wel warm wordt, dan is dat trouwens meestal geen kwestie van te weinig vermogen maar van lucht of doorstroming, en wat je in dat geval kunt nalopen staat elders uitgewerkt.
Werk dat je niet zelf doet
Alles wat met gas te maken heeft hoort bij een gecertificeerd installatiebedrijf, zonder uitzondering en zonder tussenweg. Dat geldt voor het aansluiten van een nieuwe ketel, voor het aanpassen van een gasleiding en voor het afdoppen van een leiding die niet meer gebruikt wordt. Een verkeerd afgestelde ketel geeft koolmonoxide, en dat is een risico dat je niet ruikt en niet ziet. Ook het koudemiddelcircuit van een warmtepomp is voorbehouden aan iemand met een F-gassencertificaat.
Wat je wel zelf kunt doen is de voorbereiding die het meeste oplevert: isoleren, kieren dichten, leidingen in de kruipruimte inpakken en meten hoe warm je huis werkelijk moet worden gestookt. Dat is bovendien het deel waar de bewoner het meest van leert, en het is het enige deel van dit hele verhaal dat geen onderhoudscontract nodig heeft.
Wat ik zou doen
Bij een huis van voor 1990 met bestaande radiatoren en een ketel die op zijn eind loopt: hybride, en het geld dat je uitspaart ten opzichte van een volledige warmtepomp in de schil steken. Bij een goed geïsoleerd huis met vloerverwarming: volledige warmtepomp, en niet twijfelen. En bij een huis dat over drie jaar toch op de schop gaat: gewoon nog een cv-ketel, want de duurste keuze is de installatie die je twee keer betaalt omdat je hem te vroeg maakte.
