Cv-leidingen isoleren is een van de weinige klussen waarbij de rekensom meteen klopt. Een meter isolatieschelp kost ongeveer een euro, en volgens Milieu Centraal bespaar je per geïsoleerde meter zo’n 3 kubieke meter gas per jaar, wat neerkomt op ongeveer vier euro. Dat betekent dat je materiaal zichzelf binnen een kwartaal terugverdient en daarna gewoon geld oplevert. Je hebt er geen vakman voor nodig, geen speciaal gereedschap en geen hele dag. In de kruipruimte van een doorsnee rijtjeshuis ligt vaak tussen de tien en twintig meter cv-leiding onbekleed te liggen. Die warmte gaat regelrecht de koude ruimte in en bereikt je radiator dus nooit.
Waarom het juist in koude ruimtes uitmaakt
Een cv-leiding die door je woonkamer loopt, verliest ook warmte, maar dat verlies is geen verlies: die warmte komt gewoon in de kamer terecht die je toch wilde verwarmen. Isoleren heeft daar dus weinig zin.
Anders wordt het zodra de leiding door een onverwarmde ruimte gaat. De kruipruimte, de garage, de meterkast, een onverwarmde zolder of een berging. Daar geeft de leiding zijn warmte af aan lucht die je nooit hebt willen verwarmen. Dat is het gat waar je geld door wegloopt, en dat gat dicht je met schuim van een euro per meter. Meer over de bredere aanpak vind je bij Milieu Centraal in de uitleg over isoleren en besparen.
Wat je nodig hebt
Het lijstje is kort. Isolatieschelpen van polyethyleenschuim in de juiste maat, een stanleymes of een schaar, tape die tegen warmte kan, een rolmaat en een goede werklamp. Werk je in de kruipruimte, dan komen daar knielappen of een oude mat bij, plus een stofmasker als het er droog en stoffig is.
Op de maat let je het scherpst. Cv-leidingen in Nederlandse woningen zijn meestal 15, 22 of 28 millimeter in doorsnede. Meet dus eerst voordat je schuim gaat halen, want een schelp die te ruim zit, isoleert veel slechter dan een die strak omsluit.
Hoe dik moet het schuim zijn
Voor leidingen in een verwarmde ruimte volstaat 9 of 13 millimeter, maar dat is dus meestal onnodig. Voor de kruipruimte, garage of kelder ga je naar 20 of 25 millimeter. Neem gerust de dikste variant die past. De prijs verschilt nauwelijks en het rendement wel.

Zo pak je het aan
- Meet je leidinglengte en doorsnede. Kruip naar beneden met een rolmaat en schrijf op hoeveel meter er ligt en welke diameters je tegenkomt. Reken tien procent extra voor het snijverlies bij bochten.
- Zet de cv uit en laat de leidingen afkoelen. Warme leidingen zijn onprettig om langs te werken en het schuim schuift er stroever overheen. Een uur van tevoren uitzetten is genoeg.
- Schuif de schelpen om de leiding. De meeste schelpen hebben een insnijding over de hele lengte; je klapt ze open en drukt ze om de buis. Zit een leiding klem tegen de muur, dan snijd je de schelp helemaal door en leg je hem er omheen.
- Tape elke naad dicht. Zowel de lengtenaad als de plek waar twee schelpen elkaar raken. Een open naad laat lucht circuleren en dan verliest de isolatie een groot deel van zijn werking.
- Werk de bochten netjes af. Snijd de schelp onder een hoek van 45 graden zodat twee stukken op elkaar aansluiten, en tape de verbinding rondom. Dit is het stukje waar de meeste mensen slordig worden, en juist bij bochten zit veel oppervlak.
- Zet de cv weer aan en voel na een uur langs de geïsoleerde delen. Voelt het schuim koel aan, dan zit het goed. Voel je warme plekken, dan zit daar een naad open of past de schelp niet strak genoeg.
Let op: waterleidingen laat je met rust
Dit is de belangrijkste waarschuwing van het hele verhaal. Isoleer alleen je cv-leidingen, niet je koudwaterleidingen. Als je een drinkwaterleiding inpakt, kan het water erin opwarmen en dat vergroot het risico op legionella. Ook de warmwaterleiding vanaf je boiler pak je niet zomaar in zonder na te denken over de hele installatie.
Herken je het verschil niet met zekerheid, volg de leiding dan terug naar de ketel. De twee leidingen die aan de onderkant van de cv-ketel de aanvoer en retour vormen, zijn de leidingen die je zoekt. Twijfel je, laat het dan liggen en vraag het na.
Wat ik in de praktijk zie
Bij bijna elk huis van voor 2000 waar ik in de kruipruimte kom, liggen de leidingen onbekleed. Vaak zijn ze bij een verbouwing vervangen of verlegd, en dan is het isolatiemateriaal er nooit meer omheen gegaan. Dat is jammer, want het is precies de goedkoopste maatregel die er bestaat.
Mijn advies: doe dit vóór je aan vloerisolatie begint, niet erna. Zodra er isolatiemateriaal tegen de onderkant van je vloer zit, wordt de kruipruimte krapper en werk je een stuk ongemakkelijker langs de leidingen. Combineer je beide klussen, dan is de volgorde dus eerst de leidingen, dan de vloer. Hoe die tweede stap gaat, staat in vloerisolatie zelf aanbrengen.
Wat het écht oplevert
Reken met een gemiddelde kruipruimte van vijftien meter leiding. Dat is ongeveer vijftien euro aan materiaal en zestig euro besparing per jaar. Het is geen bedrag waarmee je je hele energierekening halveert, maar het is wel de hoogste opbrengst per geïnvesteerde euro van alle isolatieklussen die je zelf kunt doen.
Bijkomend voordeel: je water is sneller op temperatuur bij de radiator, dus je ketel hoeft minder lang te draaien om dezelfde kamer warm te krijgen. Merk je dat een radiator alsnog koud blijft, dan zit daar meestal iets anders achter, zoals beschreven in radiator niet warm.
Zet het in een groter plan
Leidingisolatie is een goede eerste stap, juist omdat hij zo klein is dat je hem echt afmaakt. Daarna komen de maatregelen met meer impact en meer werk: de spouw, de vloer, de kieren. Wie in die volgorde werkt, ziet elke keer resultaat en houdt het vol.
Wil je verder, kijk dan naar spouwmuur isoleren en naar de kleine winst van tochtstrips plakken. Samen doen die drie meer voor je comfort dan één dure maatregel in je eentje.
