De rekensom voor een blik verf is simpeler dan de verkoper hem maakt, en er zit één stap in die de meeste mensen overslaan: de tweede laag. Wie de wand meet, het verbruik van het blik erbij pakt en dat door elkaar deelt, koopt precies de helft van wat hij nodig heeft.
De som in drie regels
Meet de omtrek van de kamer en vermenigvuldig die met de hoogte. Een kamer van 4 bij 5 meter met een hoogte van 2,60 meter geeft (4 + 5 + 4 + 5) × 2,60 = 46,8 vierkante meter wand.
Trek daar alleen grote openingen vanaf. Een deur is ongeveer 2 vierkante meter, een gemiddeld raam 1,5 tot 2,5. Kleine dingen laat je zitten, want die verlies je toch aan het extra werk rond de randen. In dit voorbeeld met één deur en twee ramen kom je op ongeveer 42 vierkante meter.
Deel dat door het verbruik per liter en vermenigvuldig met het aantal lagen. Bij muurverf met een verbruik van 10 vierkante meter per liter en twee lagen: 42 ÷ 10 × 2 = 8,4 liter. Je koopt dan twee blikken van vijf liter en houdt over voor de bijwerkbeurt over drie jaar.
Verbruik per soort
| Soort verf | Verbruik per liter | Aantal lagen in de praktijk |
|---|---|---|
| Muurverf, mat, op een gladde ondergrond | 8 tot 12 m² | 2 |
| Muurverf op stucwerk of behang met structuur | 6 tot 9 m² | 2, soms 3 |
| Muurverf op een sterk zuigende ondergrond zoals nieuw stucwerk | 5 tot 7 m² | voorstrijk plus 2 |
| Latex zijdeglans voor keuken en badkamer | 9 tot 12 m² | 2 |
| Plafondverf | 7 tot 10 m² | 2 |
| Grondverf op hout | 10 tot 14 m² | 1 |
| Lakverf op hout, watergedragen | 12 tot 16 m² | 2 |
Het getal dat op het blik staat is een laboratoriumwaarde, gemeten op een vlakke, niet zuigende plaat. In een echte kamer haal je dat vrijwel nooit, dus reken met de onderkant van de bandbreedte. Wie kleurwissel doet, van donker naar licht of van sterk gepigmenteerd rood naar wit, moet bovendien rekenen op een derde laag.
Wat de som verstoort
Nieuw stucwerk zuigt de eerste laag half op. Daar hoort een voorstrijkmiddel op, en die laag telt niet mee als verflaag. Dat kost een halve dag extra en scheelt uiteindelijk verf.
Structuurbehang en spachtelputz hebben meer oppervlak dan je meet. Reken daar zeker vijftien procent bij op. Datzelfde geldt voor een muur met een grove korrel in het stucwerk.
De ondergrond bepaalt ook of je met grondverf moet beginnen of niet, en dat is een aparte afweging waar meer bij komt kijken dan de kleur alleen. Bij hout en bij gladde, eerder gelakte vlakken is die vraag niet zo eenduidig als hij lijkt.
Koop liever iets te veel dan iets te weinig
Verf uit hetzelfde blik en dezelfde menging is identiek. Verf uit een blik dat je twee weken later laat aanmengen wijkt bijna altijd een fractie af, en dat zie je in strijklicht op een grote wand terug als een baan. Ben je op de grens tussen twee blikken, neem dan het grotere formaat. Vijf liter kost per liter bovendien minder dan twee keer 2,5 liter.
Verf koop je bij een verfgroothandel als het om een grote hoeveelheid of een lastige ondergrond gaat: daar kunnen ze mengen op kleur, kennen ze het systeem en krijg je advies over de voorstrijk. Voor een enkele kamer in een standaardkleur is de bouwmarkt prima en vaak goedkoper. Wat je overhoudt bewaar je op kleur gesloten, ondersteboven en vorstvrij, met de kamer en de datum op het deksel geschreven. Dat laatste kost twee seconden en bespaart je over drie jaar een hele middag zoeken.
