Nog tien weken, dan is het afgelopen met salderen. Vanaf 1 januari 2027 mag je de stroom die je zonnepanelen terugleveren niet meer wegstrepen tegen wat je in de winter verbruikt. Tegelijk lopen de collectieve inkoopacties gewoon door, zoals die van Vereniging Eigen Huis, die samen met iChoosr panelen en sinds december 2025 ook een thuisbatterij inkoopt. Is meedoen nu nog slim, of ben je te laat? Dat hangt minder af van de inkoopprijs dan je zou denken.
Hoe zo’n collectieve inkoop werkt
Het idee is simpel. Hoe meer mensen zich inschrijven, hoe scherper de prijs die de vereniging bij leveranciers kan bedingen. Inschrijven is gratis en ook voor niet-leden, die bij deelname een jaar lidmaatschap krijgen. Volgens de vereniging deden er al meer dan 90.000 huishoudens mee. Na je inschrijving krijg je binnen een paar dagen een persoonlijk aanbod. Accepteer je dat, dan betaal je 50 euro aanbetaling, die later van de eindfactuur afgaat.
Daarna doet de leverancier een digitale schouw van je dak. Hij kijkt of het dak geschikt is, of het aantal panelen klopt, maakt een legplan en beoordeelt of een thuisbatterij veilig kan worden geplaatst. Pas daarna krijg je de definitieve offerte. Het pakket bestaat uit zwarte monokristallijne panelen van minimaal 460 wattpiek, een omvormer, monitoring en garantie. De thuisbatterij staat standaard in het aanbod, maar je kunt hem uitvinken.
Dat de definitieve offerte pas na de schouw komt, vind ik het belangrijkste punt van dit hele traject. Het persoonlijke aanbod is een eerste prijs op basis van wat jij invult. Ga dus pas rekenen als je de definitieve offerte hebt, en leg die naast de offertechecklist van Milieu Centraal.
Haast maken voor de saldering heeft geen zin
Wie nu denkt nog snel even van salderen te profiteren, kan dat beter loslaten. De vereniging noemt een levertijd van gemiddeld 6 tot 10 weken na acceptatie van het aanbod. Schrijf je vandaag in, dan liggen je panelen er op zijn vroegst eind november of in december, en misschien pas in januari. In die laatste weken van het jaar wekken panelen in Nederland heel weinig op. Er valt dus bijna niets meer te salderen.
Dat maakt de keuze eerlijker. Je beslist niet meer op basis van een regeling die toch verdwijnt, maar op basis van wat panelen je vanaf 2027 opleveren. En dat zit vooral in de stroom die je zelf direct gebruikt.
Wat panelen vanaf 2027 opleveren
Volgens de Rijksoverheid krijg je vanaf 2027 een vergoeding voor stroom die je teruglevert, die tot 2030 minimaal 50 procent van het kale leveringstarief moet zijn. Daar staan wel terugleverkosten tegenover. Milieu Centraal noemt voor een vast of variabel contract netto bedragen tussen ongeveer een halve cent en 1,25 cent per kilowattuur. Voor wat je teruglevert krijg je dus bijna niets. Elke kilowattuur die je zelf gebruikt, is volgens Milieu Centraal drie tot vier keer goedkoper dan ingekochte stroom.
Milieu Centraal rekent voor drie sets panelen uit wat ze vanaf 2027 per jaar besparen, bij een gemiddeld eigen verbruik van 30 procent. Ik heb er de terugverdientijd naast gezet, door de aanschafkosten te delen door de jaarlijkse besparing.
| Aantal panelen | Aanschaf volgens Milieu Centraal | Besparing per jaar vanaf 2027 | Terugverdientijd (eigen rekensom) |
|---|---|---|---|
| 6 | 2.500 euro | 170 euro | ongeveer 15 jaar |
| 8 | 3.200 euro | 190 euro | ongeveer 17 jaar |
| 10 | 3.800 euro | 260 euro | ongeveer 15 jaar |
Panelen gaan gemiddeld 25 jaar mee, dus ook bij 30 procent eigen verbruik verdienen ze zich terug. Maar vijftien jaar is lang, en het laat zien waar de echte winst zit. Een scherpere inkoopprijs via een collectief scheelt je één keer iets op de aanschaf. Een hoger eigen verbruik werkt elk jaar opnieuw door. Milieu Centraal rekent voor een huishouden met een warmtepomp of elektrische auto en 5.500 kilowattuur verbruik voor dat het eigen verbruik naar 45 tot 50 procent kan stijgen, als je het voorraadvat of de auto oplaadt als de zon schijnt.
Wanneer meedoen wel loont en wanneer niet
Op basis van die cijfers zou ik het zo bekijken.
- Het loont goed als je overdag thuis bent of thuiswerkt, een warmtepomp met voorraadvat hebt of een elektrische auto thuis laadt. Dan haal je dat hogere eigen verbruik zonder extra investering.
- Het loont, maar langzaam als je overdag weg bent en geen grote verbruikers hebt. Kies dan minder panelen, afgestemd op je eigen verbruik, en zet de wasmachine en vaatwasser op een timer.
- Wacht liever als je dak binnen een paar jaar aan vervanging toe is. Panelen eraf en er weer op halen kost geld. Hoe je een dakrenovatie combineert met installaties die later nog komen, schreven we eerder.
Een vol dak is daarbij niet meer automatisch de beste keuze. Ook Milieu Centraal raadt af om het dak vol te leggen als je daardoor vooral veel teruglevert. Heb je wel plannen voor een warmtepomp of elektrische auto, dan kan een paar panelen extra slim zijn. Ook de ligging telt. Panelen op oost en west leveren iets minder op, maar verspreid over de dag, en dat past beter bij wat je zelf gebruikt. Dat sluit aan bij wat we eerder schreven over of zonnepanelen leggen in 2026 nog loont.
Panelen en thuisbatterij zijn twee besluiten
In het aanbod van de vereniging staat de thuisbatterij er standaard bij. De vereniging zegt dat je zonder batterij gemiddeld 30 procent van je zonnestroom direct gebruikt en dat een batterij dat percentage flink verhoogt. Dat klopt, maar het is maar de helft van het verhaal.
Milieu Centraal is over de thuisbatterij een stuk voorzichtiger. Een gemiddelde batterij van 6 kilowattuur kost inclusief omvormer en installatie een paar duizend euro, er is geen landelijke subsidie op, en volgens Milieu Centraal verdien je hem op dit moment hoogstwaarschijnlijk niet terug met de besparing op je stroomrekening. In de zomer is hij te klein om al je overschot op te slaan, en in de winter leveren de panelen te weinig om hem te vullen. Wie een elektrische auto heeft, haalt met slim laden ongeveer hetzelfde effect, van 30 naar ruim 50 procent eigen verbruik, zonder extra batterij.
Mijn advies is daarom om eerst de prijs zonder batterij te bekijken, en die batterij pas mee te nemen als je bewust voor onafhankelijkheid kiest en niet voor rendement. Komt hij er toch, zet hem dan op een goed geventileerde plek buiten de looproute en hang er een rookmelder bij, zoals Milieu Centraal aanraadt. Houd ook de nettarieven in de gaten die per tijdstip gaan verschillen. Hoe die tijdsafhankelijke nettarieven uitpakken, kan een batterij later alsnog interessanter maken, en hij is er ook later nog bij te plaatsen.
Waar je nog op let voordat je tekent
Check of je opstalverzekering de panelen dekt, want soms moet je ze apart meeverzekeren. De vereniging wijst daar zelf op. Vraag ook bij de buren na of hun omvormer op zonnige middagen weleens uitvalt door een te hoge netspanning. Dat komt op sommige plekken voor, en je netbeheerder kan je vertellen of het in jouw buurt speelt. En kijk na plaatsing kritisch naar je energiecontract, want een hoge terugleververgoeding en lage terugleverkosten maken volgens Milieu Centraal echt verschil.
